
De
Wijnstraat was rond 1609 voltooid en in 1611 en 1613 werden de
erven aan de Wijnhaven verkocht. De naam van straat en haven stond
vanaf het begin vast en zeker lag het in de bedoeling van het
stadsbestuur om de wijn- en bierhandel hier te concentreren. Niet
onlogisch omdat vervoer over water essentieel is voor de
internationale wijnhandel maar ook voor de meer regionaal gerichte
bierhandel.
De families Pesser en Van Couwenhoven stonden aan de wieg van
het brouwbedrijf in Rotterdam. De Pessers hadden in de zestiende
eeuw hun geld verdiend in haringrederij en draperie en waren
gerespecteerde regenten. De Van Couwenhovens maakten deel uit van
de Brielse vroedschap. Kortom, twee invloedrijke en welgestelde
families.
Jan Dammasz. Pesser richtte in de zestiende eeuw de brouwerij
De Witte Leeuw op aan de Witteleeuwensteeg. Zijn zoon
Dammas Jansz. volgde hem op en zijn tweede zoon Dirck Jansz.
stichtte in 1619 de brouwerij De Zwarte Leeuw. Beide
broers waren door huwelijk gelieerd aan het geslacht Van
Couwenhoven. Kennelijk was het brouwbedrijf zo aantrekkelijk dat de
zwager van de Pessers, Jacob Jacobsz. van Couwenhoven, graag een
graantje wilde meepikken en in 1621 de brouwerij De Twee
Klimmende Leeuwen begon aan de oostzijde van de Leuvehaven bij
de Tweeleeuwensteeg. En rond 1630 stichtte een ander familielid van
Jacob Jacobsz. Van Couwenhoven de brouwerij De Leeuw met de
Staf. De Pessers richtten aan het begin van de zeventiende
eeuw nog de brouwerij De Hollandsche Tuin op, die door een
leeuw in een omheining wordt uitgebeeld. Opmerkelijk is dat alle
brouwerijen van de Pessers en Van Couwenhovens in Rotterdam een
leeuw in hun naam en gevelsteen voeren. Voor de Pessers is dat te
verklaren omdat volgens Bijlsma hun wapenteken een klimmende leeuw
is. Van Couwenhoven had voor de oprichting van de brouwerij veel te
danken aan de Pessers en zou daarom de brouwerij naar zijn verwante
familie kunnen hebben vernoemd. Het toeval wil dat het Museum
Rotterdam alleen de gevelstenen met leeuwen in de collectie heeft
en dat er van de vele andere brouwerijen geen gevelstenen bewaard
zijn gebleven. Al zijn er wel gevelstenen waarvan het vermoeden
bestaat dat ze afkomstig zijn van brouwerijen.
De Pessers en Van Couwenhovens hebben in de loop van de zeventiende eeuw hun bezit aanzienlijk weten uit te breidden met de aankoop van andere brouwerijen. Andere invloedrijke families die in de zestiende eeuw tot aan begin van de zeventiende eeuw ook meer dan één brouwerij in hun bezit hadden waren Prins en Nobel. Ze bezaten respectievelijk De Wereld, De Drie Haringen en De Rode Zon en De Haring met de Kroon.
Dirck Jansz. Pesser was een man van groot maatschappelijk aanzien, hij was samen met de brouwers Jacob Jacobsz. van Couwenhoven, Adriaen Fransz. Pieck en Eeuwout Eeuwoutsz. Prins een van de stichters van de Remonstrantse kerk aan de Vissersdijk. Ook was hij enige tijd Heilige Geestmeester en Oude Vrouwenhuismeester. In 1634 portretteerde Rembrandt van Rijn Dirck Jansz. Pesser en zijn vrouw Haesje Jacobsdr. van Cleyburg.
De mouterij van De Zwarte Leeuw stond aan de Scheepmakershaven en bevond zich in een dubbelpand. De brouwerij aan de Wijnstraat omvatte zeker vier panden en liep van de Wijnstraat noordzijde door naar de Blaak zuidzijde, welk deel ook wel werd aangeduid met de Geldersekade. In 1660 lijkt de brouwerij te zijn gesloten en de panden worden dan omschreven als huis, suikerraffinaderij en erf.
De gevelstenen van de voormalige brouwerij en mouterij hebben tot het bombardement van 1940 de panden gesierd en zijn daarna in zwaar beschadigde toestand in de collectie van het museum opgenomen.
straatnamen: